|
In het kader van het scholenproject “ALAAF!” bracht onze grootvorst Prins Jonas de XLIIIe in hoogsteigen persoon een bezoek aan een van onze Boemeldonckse (Kunst)academies. Het is donderdag 29 januari 2009. s’Morgens, meteen in de eerste les wordt onze hoogheid Prins Jonas de XLIIIste welkom geheten op de basisschool de Horizon bij de groepen 6. Zij ontvangen hem met zijn levensgrote beeltenis van de BAK-site op de muur geprojecteerd. De twee dansmarietjes Cris Holleman en Lynn Kleemans, prominent op de eerste rij, houden trots oogcontact met hun Prins. Deze wijst enthousiast naar een van hen die de button draagt, uitgereikt aan alle deelnemers aan de BRAK-zitting. Hij heeft er die middag met volle teugen van genoten. Hij vraagt of iemand weet wat carnaval is. Gelijk allemaal de vinger omhoog. Carnaval is verbroedering, is vriendjes zijn. Echte vriendjes zijn er niet alleen om plezier te maken maar bij je maatje zijn wanneer het toevallig niet zo goed gaat. Met carnaval maken we met zijn allen leut; doen we met zijn allen een beetje zot; een beetje gek. Het moet met zijn allen want we kunnen moeilijk alleen in de polonaise lopen. En weet je, zegt de Prins: het is zo fijn wanneer ik zo door het dorp loop en iedereen groet me en roept: hé prins hoe is’t?!. Da’s zo fijn, dan heb ik het gevoel alsof we een familie zijn. Of iemand weet wat het vaantje voorstelt.Het vaantje is een afbeelding van het embleem van de Prins dat elk jaar opnieuw ontworpen wordt. Elke Prins heeft zo zijn eigen embleem. Bij zijn aantreden op 11-11 wordt het onthuld en tijdens carnaval samen met alle vorige emblemen opgehangen in de Rabo-zaal van de “drie Linden”. De nieuwe leuze wordt er op uitgebeeld; je ziet er nu een grote slinger op staan, duidend op: “We zen d’r aon verslingerd”. De naam van de Prins staat erop en we denken altijd, met respect bij de uitgave ervan aan Monsieur PK d’or, oftewel Piet Kavelaars van goud. Hij verkocht ieder jaar in zijn eentje honderden van deze vaantjes. Wat hebt u op uw borst hangen?Dat is mijn persoonlijk schild. Iedere Prins krijgt bij 11-11 een algemeen schild omgehangen. Na de voettocht (de eerste zaterdag of zondag van het nieuwe jaar) wordt de Prins eerst gejonast en krijgt daarna zijn persoonlijk schild met nu zijn eigen naam: “Prins Jonas de XLIII”omgehangen. Bij het jonassen wordt de Prins door heel veel Boemeldonckse vrienden tientallen keren in een groot vangzeil omhoog geworpen en weer opgevangen. En dat allemaal onder de klanken van: “Boemeldonck je bent het echte en het ware”, gespeeld door de Hofkapel.. Weten jullie wat ik hier in mijn hand heb?Ja, dat is het Boemeltje. Waarom Boemeltje? Omdat er vroeger heel veel stationnekes in Prinsenbeek waren. Overal stopte de trein. Dat noem je een boemeltrein. En met carnaval loop je van de ene gezelligheid naar het andere en dat noemen ze ook boemelen. En toen! Toen beste lezers, kon ik bijna niet meer stil zitten. Heel de klas (2 groepen saomen) zongen uit volle borst het lied van Piet de Nijs: “Op z’n Biks” namelijk: ’n Koei, ’n pèrd, ’n kuus, ’n bok en heel de klas deinde mee! Geweldig! Hartverwarmend!!. Er zijn al verschillende carnavalsclubs die bouwen. Zo bouwen de Dwarsliggers, Biks Dynamite, C.V. de Waaipaolen en de Pruttels. Boemeldoncker: Hou je vast! Dat belooft wat! Gaon jullie allemaal hier carnaval vieren?Nee, ik ga met mijn ouders naar ’t Krabbegat. Weet je zegt de Prins; Er woont hier in Boemeldonck een beroemde Krab. Weten jullie wie? Dat is meneer van de Velden. Weet je hoe je kunt zien dat hij een echte Krab is? Krabben lopen met carnaval altijd met een gordijn om de nek. Prins: Bij welke carnavalsclub zit u? “Ik zit bij de helft is zat”. Bent u wel eens zat dan? De helft kan ook: nou is het genoeg zijn. Wilt u later nog eens een keer Prins worden? Je kunt maar eenmaal prins worden. Dat heeft als voordeel dat er heel veel mensen de kans krijgen ook eens een keertje Prins te kunnen worden. Wat moet je er voor doen om Prins te worden? Daar kan de Prins geen antwoord op geven. Je moet in ieder geval in Prinsenbeek wonen. Heel veel mensen geven aan de BAK door wie ze dit jaar graag als Prins zouden willen. Dat is vaak een lijst van wel 50 kandidaten. Deze lijst gaat de Senaat terug brengen tot 11, meestal degene die de meeste stemmen hebben. Vervolgens gaat het BAK-bestuur deze lijst terugbrengen tot drie. De voorzitter en secretaris gaan deze drie in het diepste geheim benaderen, want het moet met 11-11 een verrassing zijn. En zo kwamen ze diep in de nacht bij mij op visite. Wisten uw kinderen het? Nee, alleen mijn vrouw wist het. Wanneer je dat aan meer mensen vertelt, dan blijft het meestal niet lang geheim. En ik vond het ook veel te leuk om mijn kinderen op de avond van 11-11 te verrassen. Moet je veel doen als je Prins bent? Eigenlijk wel, maar dat zijn allemaal van die leuke dingen. Je gaat naar de muziekkapellen, de bouwadressen, de scholen en bijvoorbeeld de mensen die aan het repeteren zijn. Bijvoorbeeld als de dansmarietjes aan het oefenen zijn. Allemaal mensen die bezig zijn om ons straks mee carnaval leut te brengen. Die duizend en een dingen maken het juist zo leuk. Er zijn ook dingen die niet leuk zijn. Neem nu Theo Gelens; jullie kennen hem waarschijnlijk allemaal; hij woonde hier tegenover en deed ook wel eens wat voor de school. Toen deze geweldige carnavalsman kwam te overlijden, wil je namens Boemeldonck zijn vrouw, kinderen, kleinkinderen en al zijn vrienden een hart onder de riem te steken, te troosten en het verdriet met hun delen. Waar woont u? Bij Beek vooruit, dat huis waar het zo mooi versierd is met de pomp en het T-Fordje. Gaan jullie met carnaval jullie huis ook versieren? Da’s leuk!. Het moet er feestelijk en gezellig uit zien. En dan gezellig samen leut maken. Meedoen aan de Brakzitting, de kinderoptocht, dollen bij het “Kreeziebal”. Heerlijk zot doen; verbroedering samen; doorgaan, dan weten we zeker dat het nog lang een gezellig Boemeldonck blijft. Met : Jullie zijn een stel geweldige brakken, nam de Prins afscheid, na beloofd te hebben vóór carnaval examen af te komen nemen. De afspraak zal door de secretaris van de BAK gemaakt worden. |